Martijn Schrijft

Een leven op rolletjes

Auteur: Martijn (pagina 2 van 3)

Sterrenkijken bij de fysio

Voor alles is een eerste keer. Waar een afspraak bij de fysio normaliter 100% routine is met hooguit een beetje spierpijn na afloop was het dit keer anders. Een klein spiertje ergens naast mijn rechter schouderblad bleek een beetje in de knoop te zitten. Door een zorgvuldig geplaatste duim van mijn fysiotherapeut kwam ik er achter dat het een heel venijnig knoopje was.

Met een mix van een grom en een kreun verbloemde ik een voorzichtige vloek. “Dat is een gevoelig plekje geloof ik” hoorde ik achter me, terwijl de duim op dezelfde plek bleef masseren. Ik ben niet echt kleinzerig en meestal zakt zo’n pijntje snel weg, maar deze keer niet. Na tien seconden doorbijten kreeg ik even pauze. Bij wijze van grap lachte als een boer met kiespijn “Auw, ik zou er bijna sterretjes van gaan zien”. Blijkbaar vond mijn lichaam dat geen leuk grapje, want het voegde gelijk daad bij woord. Sterretjes voor mijn ogen en een gevoel alsof het bloed uit mijn hersenen vertrok.

Blijkbaar viel het op: “Je ziet een beetje bleek, gaat het?”. Na een paar keer diep ademhalen, een plens koud water over mijn gezicht en een glas water te hebben gedronken voelde ik me gelukkig iets beter. De door mijn fysio gepakte bloeddrukmeter deed haar echter een beetje fronzen. “Nou, dat is wat aan de lage kant, en 46 slagen per minuut is niet echt veel.”. Nog een glas water en een kop thee met veel suiker later kregen de kleur van mijn gezicht en mijn bloeddruk de goedkeuring van mijn fysio en mocht ik na een “Rij voorzichtig!” toch alsnog de deur uit.

De moraal van dit verhaal? Blijkbaar moet ik niet de bikkel uit willen hangen en door de pijn heen gaan. Gewoon op tijd zeggen dat het net ff te gevoelig is is blijkbaar verstandig. Goh…

Oh, en voor het geval mijn moeder dit leest: het gaat inmiddels weer prima dus maak je geen zorgen. 😉 

Religiebalans

Een zaterdagmiddag als zovelen. Gewoon op mijn gemakje rustig aan het cruisen door de binnenstad. Ineens hoor ik “Pardon meneer, mag ik wat vragen?” naast me. Een voorbijganger spreekt me beleefd aan. Sociaal als ik ben antwoord ik “Natuurlijk”.
Hij: “Wat betekent Kerst voor u?”
Ik (tevergeefs zoekend naar zijn reclamefolders, donateurslijst of ander aanknopingspunt voor zijn bedoeling): “Ehh, vrije tijd, gezelligheid?”
Hij: “Juist ja, en cadeautjes?”
Ik: “Neuh, dat niet perse.”

Hoe de conversatie daarna precies verliep heb ik niet exact onthouden omdat mijn bullshitfilter vrij snel in werking trad. Hij bleek namelijk een Evangelist Incognito!
De beste man begon over religie, Jezus en de bijbel, waarop ik hem beleefd meldde dat ik niet religieus was.
“Maar Jezus was ook niet religieus” antwoordde hij daar op. Juist ja.
Toen bood hij mij vervolgens een klein informatief foldertje. Vriendelijk doch resoluut sloeg ik dat af. “Dankjewel maar ik denk dat je daar iemand anders meer een plezier mee kon doen.”

Dat had ik niet moeten zeggen. Mijnheer kreeg door dat ik niet zomaar over te halen was en schakelde een tandje bij. Na nog geen twee zinnen over genezen, en weetikveel heb ik hem resoluut afgekapt: “Als je daar over begint beëindig ik het gesprek.”.
Op het moment dat ik me wilde omdraaien en verder rollen groef hij zijn kuil nog wat dieper: “Geloof je in wonderen? Nee? Want jij bent ook een wonder.”.
Na een kort en nors “Zo is het genoeg.” heb ik hem de rug toegekeerd en heb ik enigszins chagerijnig mijn weg vervolgd.

Hoe anders verliep een gesprek nog geen half uur later toen ik ergens een kop koffie wilde gaan drinken. Omdat alle tafels bezet waren vroeg ik een oudere man die alleen aan een grote tafel zat of ik aan mocht schuiven. Vervolgens hebben we een tijdje zitten praten  over zijn geloof in God, Christus, aliens, zijn kunst, zijn 10+ jaar alcoholvrij zijn, en zijn vandaag 6 jaar overleden vrouw. Enigszins ontroerd vertelde hij dat hij haar miste en dat hij zich soms alleen en onzichtbaar voeldein de wereld.
Ik heb hem heel oprecht verteld dat hij mijn negatieve ervaring eerder op de middag een positieve impuls heeft gegeven en dat een mens ook onbedoeld en onbewust zichtbaar kan zijn. Zijn gezicht klaarde op en hij bedankte me voor mijn eerlijkheid. Na een kleine drie kwartier hebben we elkaar de hand geschud en zijn we beiden met een blij gemoed vertrokken.

De moraal van dit verhaal? Een dialoog is zoveel prettiger dan een discussie.

Herdenken op de Waalsdorpervlakte

Wat was de dodenherdenking op de Waalsdorpervlakte dit jaar een ervaring…
Vorig jaar om 19:15 in de rij aangesloten en om 21:15 weer terug naar huis. Dit jaar om 19:15 achteraan gesloten en uiteindelijk om 22:45 uur pas bij het monument. In het donker, in de miezerregen. Tel daar bij op het feit dat de grote Bourdonklok na een uur stuk ging, alleen de vogels en het zachte gepraat van de bezoekers waren nog hoorbaar.

De laatste 50 meter en het monument zelf waren nog wel het indrukwekkendst. Totale stilte en alleen het licht van de fakkels naast het monument maakten dit een van de meest indringende ervaringen. Ergens in je achterhoofd zwerft stiekem de gedachte ‘Waarom sta ik hier dik drie uur in de kou en regen?’, maar dat wordt zo verschrikkelijk insignificant als je voor het monument staat en je je beseft waar het voor is en wat er daar in dat duingebied allemaal is gebeurd. Niet alleen het monument en de klok, maar zeer zeker ook de diverse herdenkingskruizen in de duinen die de plekken markeren waar de verzetsstrijders zijn gefusilleerd zijn daar een tastbare herinnering aan.

Koperwerk

Maandag 2 september 2002, dat was de dag. De dag dat ik aan mijn allereerst echte baan begon. Vers van school en nog zo groen als gras mocht ik proberen mij een werkritme aan te meten. En spannend dat dat was! Een nieuwe omgeving, nieuwe materie en nieuwe mensen die ik mijn collega’s mocht noemen. Ik was met afstand de jongste van de afdeling, bij sommige collega’s moest ik oppassen geen u te zeggen.

Inmiddels zijn we 12,5 jaar verder en vier ik mijn koperen ambtsjubileum. Nog altijd werk ik voor dezelfde werkgever (al ie die wel al 4 keer van naam veranderd) en zelf ook nog met een aantal dezelfde collega’s. Eigenlijk behoor ik nu zelf ook tot de oudgedienden en dat voelt best vreemd. In al die jaren heb ik heel veel geleerd. Zowel op professioneel als op persoonlijk gebied ben ik een flink stuk wijzer geworden.

Afgelopen dinsdag stond de hele afdeling even stil bij mijn mijlpaal. De chef gaf een mooie speech waar ik een beetje verlegen van werd. Zoveel lovende en aardige woorden, en dan ook nog voor een flink publiek, dat ben ik niet gewend. Toch heb ik me prima vermaakt en denk ik er met plezier aan terug. Het samenzijn werd afgesloten met een mooie bos bloemen en een stapel vlaaien voor de hele afdeling waar een heel weeshuis mee gevoed kon worden. Vooraf had ik geen idee wat ik moest verwachten maar ik kan oprecht zeggen “Chef en collega’s, bedankt!”

Of ik mijn volgende jubileum bij dezelfde baas ook nog haal weet ik niet, maar ik heb me uitstekend vermaakt dus ik teken voor nog zo’n jubileum. Op naar de 25!

Altijd weer hetzelfde liedje

Ontelbare liedjes zijn er al over geschreven: liefde, liefdesverdriet, onbereikbare liefde, een nagenoeg eindeloze voorraad. Het ene nummer gaat over een prins op het witte paard voor de smachtende dame, het andere over een man die een zwoele aubade brengt aan de vrouw van zijn dromen. Weer een ander gaat over het hart-doorborende verdriet van een meisje dat door haar geloefde aan de kant is gezet. Een handvol nummer bezingt, al dan niet verhuld, een zwoele nacht tussen de lakens. De keuze is reuze, getuige de vele verzamelcd’s met liefdesliedjes. (Taylor Swift voorziet in haar eentje in een flinke voorraad liefdesverdrietliedjes, maar dat even terzijde)

Voor iedereen is er een passend liedje te vinden, voor elke situatie een ander nummer. Verschillende nummers, maar toch hebben ze eigenlijk allemaal iets gemeen. Het zijn allemaal liedjes waarin een dame een heer bezingt, of een man een vrouw. Als het al een liedje is waarin niet specifiek een geslacht wordt genoemd wordt het gezongen door een als overtuigd heteroseksueel bekend staande rokkenjager/mannenverslindster.

Tot vorig jaar. Een nieuwe ster aan het muziekfirmament is Troye Sivan. Begonnen als acteur en YouTube-ster is hij nu ook aan een muziek-carrière begonnen. ‘Nou en? Velen met hem’ zul je denken. Nou nee. Want Troye Sivan is in 2013 uit de kast gekomen. Tel dit allemaal bij elkaar op, en voeg daar bij de statistische zekerheid dat elke zanger(es) minstens één liefdesliedje in het repertoire heeft, en je hebt een primeur.

Dames en heren, mag ik u presenteren Gasoline:

Een liefdesverdrietliedje met daarin de tekst “I see your outline in my bed
In the same spot I watched him rest his head”
. Een niet heteroseksuele artiest plus deze tekst maken dit dus een zeldzaam, zoniet het enige ondubbelzinnige man-vs-man-nummer. Troye is een ijzende ster aan het muziekfirmament dus er zullen ongetwijfeld nog meer lovesongs van zijn hand komen. Ik kan niet wachten.

Altijd maar weer hetzelfde (liefdes)liedje, maar nu dus een keertje niet. Het werd een keertje tijd…

Zwarte Piet maakt mijn Sinterklaas

Nee, geen post over de Zwarte Pietendiscussie, dat laat ik aan anderen over. Op de dag van de intocht van Sinterklaas maakte een mini-Piet mijn dag. Wat zeg ik? Mijn hele week!

Net als zo ongeveer alle voorgaande jaren heb ik om 12.00 uur de landelijke intocht op televisie zitten kijken. De verstrooidheid van Opa Piet, de Paraplu Piet, de uit het Pietenhuis vrijgelaten Hoofd Piet, Pietje Paniek, het heeft me prima vermaakt. Echter, de tv-intocht was niet het hoogtepunt…

Aan het einde van de middag dacht ik nog even een boodschap in de stad te kunnen doen. Groot was mijn verbazing toen het laatste stukje van mijn beoogde fietsroute werd geblokkeerd door de intocht van de Sint in Den Haag. Wat doe je er aan? Helemaal niks. Een stukje achteraf onder een luifel heb ik met veel plezier naar de parade van Pieten zitten kijken. Ietwat achterin de stoet liepen twee groepen met daartussen nogal een gat. In dat gat liep een mini-Pietje van een jaar of 8, nog geen meter hoog. Op zijn gemak vooruitslenterend keek hij tevreden om zich heen en was mij bijna voorbij toen het gebeurde.

Hij keek van links naar rechts en weer vooruit, weer naar rechts, zag mij en kwam abrupt tot stilstand. Mini Piet liep op mij af, zijn handje verdween in zijn zak en kwam gevuld met  snoep weer tevoorschijn. Zonder een woord te zeggen werd mijn hand gevuld met strooigoed, en na een ‘Dankjewel Piet’ van mij sloot hij weer aan bij de stoet. Ik bleef achter een enorme glimlach op mijn gezicht.

Dit handje snoep is het meest gewaardeerde Sinterklaascadeau in jaren geweest. Dankjewel Mini Piet!

Captian Obvious en het wagentje

Er zijn mij al heel wat nutteloze en ondoordachte vragen gesteld over mijn rolstoel, mijn handicap en mijn hulpbehoefte. Onlangs is er echter weer een hoog genoteerde nieuwe binnenkomer op de lijst gekomen.

Net op mijn werk aangekomen, geparkeerd en mijn rolstoel aan het uitladen staan er 2 mensen buiten te roken en mij gade te slaan.
Man: “Lukt het of heb je hulp nodig?”
Ik:  “Het lukt me altijd prima zelf, dus dat zal nu niet anders zijn.”
Man: “Ja dat dacht ik al wel maar ik denk ik vraag het toch.”
Ik: “De volgende keer dat je dat vermoeden al hebt kun je jezelf de moeite besparen.”
Man: “Mag ik wat vragen? Hoeveel van die wagentjes heb je eigenlijk?”
Ik: “Allereerst, wagentje is een beetje ongepaste benaming, het is een rolstoel. En ik heb er één.”
Man: “Ja, oh, haha. Ja maar ik vind het toch maar knap hoe je dat doet.”
Ik: “Ach ja, ik vind het ook knap hij jij loopt.”
Vrouw: “Zo. Ja nou zijn we uitgeluld.”

En dat allemaal vroeg op de morgen nog vóórdat ik aan de koffie zat. Er zit geen negatieve bedoeling achter dat soort vragen, maar soms ontbreekt bij mij de zin om beleefd te blijven. Gelijk afserveren die handel, hebben ze nog wat om over na te praten tijdens de tweede peuk.

Het kast-dilemma

Wie weet het? Moet iemand het weten? Wil ik dat iemand het weet? 

Allemaal vragen die weleens voorbij komen, zijn gekomen of later nog gaan komen. Vragen over het kast-dilemma. In de tijd dat ik zelf nog in die spreekwoordelijke kast zat heb ik mijzelf die vragen vaak gesteld. Soms was het makkelijk om dat met mensen te delen, maar soms ook lastig.

Je zou je er niet druk om hoeven maken, het zou mensen niet bezig moeten houden, en het zou ze geen zier moeten schelen. Velen boeit het ook niet waarschijnlijk. Maar hoe moet iemand die met zijn of haar ‘anders-zijn’ worstelt dat weten? De onzekerheid van het niet weten of je een positieve reactie krijgt, een onverschillig ‘Joh, wat maakt dat nou uit?’ of een afkeurende blik of opmerking maakt het soms lastig om zo’n persoonlijk onderwerp te delen.

Niet zo zeer voor mij, maar voor alle LBGT+ medemensen in de samenleving: laat het merken dat je ze steunt, dat het je helemaal niks uitmaakt, dat je vindt dat iedereen zichzelf mag zijn. Dat geeft ze misschien net dat beetje extra steun om die kastdeuren open te zwaaien en te zeggen “Kijk, dit ben ik, mijn eigen, vrije, blije ik.”

Misschien zien de mensen die er tegen zijn dan ook dat ze in de minderheid zijn, en kunnen ze worden aangesproken op foute uitspraken of kwetsende acties. Laat het tolereren aan hen en ga zelf voor de acceptatie.
Daar wordt de wereld net weer een beetje vrolijker van.

Oh dus je bent helemaal niet verlamd?

“Oh dus je bent helemaal niet verlamd? ”
“Hé, je kunt gewoon staan!”

Een paar van de uitspraken die mensen doen als men hoort dat ik geen dwarslaesie heb, maar cerebrale parese.  In het Engels noemen ze zoiets een assumption. En daar zeggen ze weer over “Assumptions are the mother of all f*ckups“. Nu wil ik niet zo ver gaan om te beweren dat deze specifieke aannames ook zo’n up zijn, maar vermoeiend is het wel.

Mensen doen aannames, heel veel en heel vaak. Ik weet dat men bij een rolstoel al heel gauw aan een dwarslaesie denkt, maar er zijn nog zoveel meer redenen om een rolstoel te gebruiken. Sommige mensen hebben wel van cerebrale parese gehoord, maar hebben ook dáár weer een stereotype beeld van:
“Cerebrale parese? Maar je maakt helemaal geen rare bewegingen!”
“Cerebrale parese? Maar je spraak is zo gewoon!”
Buiten het feit dat het aannames zijn, zijn ze ook nog eens behoorlijk lomp geformuleerd. Sorry dat ik niet aan je verwachting voldoe. En sorry dat jouw beeldvorming nu ineens door de war wordt gegooid.

Nou ja, sorry? Niet bepaald. Eerder een tikkeltje onbeleefd. Dat de werkelijkheid niet aan een verwachting voldoet is één ding. Maar wees dat wel zo netjes om je reactie een beetje op de vlakte te houden. Leer er van en verbeter jezelf. Want anders fucked zo’n assumption je straks nog eens een keertje up. Dan maakt mijn arm misschien ineens wél een ongecontroleerde beweging. En mijn armen zitten voor de gemiddelde mens op kruishoogte. U bent gewaarschuwd…

De kunst van het nietsdoen

Iedereen met een bureaubaan kent het wel. Er is een grens aan hoe lang je al nietsdoend met een lege blik in je ogen naar je beeldscherm kunt staren. Of hoe lang je een irritante naaste collega kunt verdragen. Werk(-plek)ontwijkend gedrag is daar de remedie tegen, maar doelloos over de afdeling dwalen valt helaas nogal snel op. Hoe los je dat probleem op?

Een zeer wijze collega heeft daar ooit een hele slimme oplossing voor uitgewerkt. Als je van je bureau weggaat, neem dan altijd een schrijfblok mee, een stapel papier en een pen. Zo kun je gewoon ronddolen terwijl iedereen denkt dat je op weg bent naar een vergadering of anderszins aan het werk bent. Niemand die je lastig valt of aan je werklust twijfelt. Aldus een voormalig collega.

Geheel terzijde: deze bewuste collega is al enkele jaren niet meer mijn collega. Dat heeft echter niets te maken met zijn briljante ideeën. Althans, voor zover ik weet. Voor de zekerheid voeg ik toch maar een disclaimer toe: het toepassen van deze tactiek geschied geheel op eigen risico.

Oudere berichten Nieuwere berichten

© 2019 Martijn Schrijft

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑